De crisis in de vleesindustrie: op weg naar hervorming

De voedselschandalen volgen elkaar vandaag in sneltempo op. Is het industriële model van voedselproductie nog houdbaar? Hoe kunnen we de voedingsindustrie herzien, met meer respect voor mens, dier, het milieu én met een eerlijke prijs voor de boer? “De tijd van praten en evalueren is voorbij. Het is tijd om te handelen”, aldus sp.a-kamerlid Annick Lambrecht. 10 vragen mét antwoorden.


Fris je ons geheugen nog even op: waar ging het recentste voedselschandaal over?  

Op 27 september 2016 laat de Kosovaarse voedselinspectie ons federaal voedselagentschap (FAVV) weten dat ze een lading vlees van het bedrijf VEVIBA (groep Verbist) in beslag namen. Het FAVV stuurt een inspecteur maar quasi anderhalf jaar gebeurt er niks. Pas recent, op 28 februari 2018, komt er een huiszoeking bij VEVIBA. Resultaat: het overgrote deel van het vlees dat gecontroleerd wordt, blijkt niet geschikt voor menselijke consumptie. Op 3 maart verliest VEVIBA zijn vergunning. Kort nadien komt aan het licht dat het bedrijf ook fraude pleegde met biovlees.

 

Hoe reageerde de regering?

Er komt heel snel een parlementaire commissie waarin Dennis Ducarme, federaal minister van landbouw, het heeft over ‘maffiapraktijken’. Hij kondigt een doorlichting en hervorming van het FAVV aan. De ceo van het FAVV, Dirickx, zegt dat hij tussen september 2016 en 1 maart 2018 geen bijkomende stappen ondernam omdat er een gerechtelijk onderzoek liep. Terwijl, zo bleek, de Europese Commissie al meermaals opmerkingen had gegeven over de te lakse controles van het FAVV. Tijdens die zitting kwam trouwens ook aan het licht dat volksgezondheid pas op 7 maart 2018 op de hoogte gebracht werd van het vleesschandaal. Minister van volksgezondheid Maggie De Block (VLD) bleef stil.

 

En wat was de reactie van sp.a?

Ik was aanwezig op de commissie. De communicatie verliep bovendien heel chaotisch. De bevolking wist niet meer wat veilig voedsel was en wat niet. Ik vroeg een fundamentele doorlichting van het FAVV en de industriële veehouderij en voelde minister van Justitie Geens aan de tand.

 

Je vindt dat het FAVV fouten heeft gemaakt?

Het antwoord van minister Geens was overduidelijk: het FAVV mocht wel degelijk verdere stappen nemen en zelfs overgaan tot blokkering of sluiting. De topman van het FAVV loog dus  wellicht in het parlement.

 

Wat is de impact van voedselschandalen als dat van VEVIBA?

90% van de bevolking eet minstens een paar keer per week vlees. Zo’n schandaal raakt dus zeer veel mensen. De praktijken van de groep Verbist zijn voor mij een aanslag op de volksgezondheid.

 

Merk je dat er een tegenbeweging komt?

Deze nieuwe voedselcrisis is voor velen, ook voor de Boerenbond, een crisis te veel. Vanuit alle mogelijke hoeken wordt er opgeroepen om structurele maatregelen te nemen. De regering moet deze signalen ernstig nemen want er is voedselcrisis na voedselcrisis.

 

Volgens sp.a ligt het echte probleem bij de industriële veeteelt?

De maatschappelijk kost van de industriële veeteelt is enorm. En de burger betaalt mee, ook al beseft hij het niet. De lage vleesprijzen in het warenhuis vertellen niet het hele verhaal. In werkelijkheid kost de industriële veeteelt ons gigantisch veel geld. Het werkingsbudget van betrokken instanties zoals de Vlaams Landmaatschappij (VLM)/Mestbank, het Coördinatiecentrum Voorlichting en Begeleiding duurzame Bemesting (CVBB) en de landbouwers zelf bedraagt jaarlijks 130 miljoen euro.

 

Dat geld wordt volgens jou niet goed besteed?

Als we 130 miljoen euro per jaar besteden maar geen vooruitgang boeken, dan is dat weggegooid geld. Daarnaast is er nog de milieukost van de industriële veeteelt en het negatieve effect op de volksgezondheid. De West-Vlaamse Milieufederatie schreef over dat laatste een alarmerend rapport. De conclusie: als we de volksgezondheid belangrijk vinden, moeten we durven ingrijpen.

 

Hoe kunnen we dat overheidsgeld dan beter gebruiken?

96% van het inkomen van een Vlaamse rundveeteler komt van subsidies. Van die subsidiepot zou er een transitiefonds moeten komen dat boeren financieel helpt om anders te produceren. Kleinschalige landbouw is beter voor de dieren én voor de volksgezondheid en het milieu. Als boer krijg je bovendien een persoonlijke relatie met je klant. Dat verhoogt de sociale controle.

 

Hoe kan die transitie echt in gang worden gezet?

De overheid moet structureel durven ingrijpen: de subsidies aanpassen, de korte keten stimuleren en ook de moordende prijzenslag stoppen. Warenhuizen zetten de landbouwers fors onder druk. Het is niet normaal dat ze op de vrije markt vaak minder krijgen dan de productiekosten. Ik pleit dus voor volop inmenging van de overheid om de prijzenoorlog een halt toe te roepen en ervoor te zorgen dat ons voedsel veilig en duurzaam is, voor mensen, dieren én het milieu.  


Meer weten? In deze
korte video leggen Annick en John Crombez uit waarom sp.a minimimprijzen wil voor voedsel in de supermarkt.  

Leave a comment