Tag: Bieke Moerman

De uitdagingen én de toekomst voor onze landbouw zitten elders dan als oplossing alles overgeven aan de grootindustrie en de banken.

De uitdagingen én de toekomst voor onze landbouw zitten elders dan als oplossing alles overgeven aan de grootindustrie en de banken.

De landbouw heeft grote gevolgen op onze volksgezondheid, de natuur, het landschap en het inkomen van velen. Als socialisten komen we op voor het algemeen belang en willen we niet dat mensen in miserie terecht komen of dat nu een boer, een arbeider of iemand is die plots en lang ziek valt.

Het voorbije jaar heb ik samen met sp.a-voorzitter John Crombez, in alle stilte tientallen land- en tuinbouwbedrijven bezocht. We hebben daarbij vooral geluisterd en gekeken met als doel te leren en de ervaringen te gebruiken voor ons programma dat heel binnenkort voorgesteld wordt. We stonden versteld van de vele visies en innovaties die land- en tuinbouwers uitbouwen, vaak haaks en weerbarstig tegen de grootindustrie en de eenheidsworst. Bijna keer op keer hoorden we ook de roep naar verandering, de wurgende druk vanuit de banken om altijd maar groter te worden en dus dieper in de schulden te kruipen, het probleem van voldoende grond en het falende mestbeleid.

 

Het Vlaams mestbeleid faalt

Vlaams parlementslid Bruno Tobback volgt het Vlaams mestbeleid al vele jaren van heel dichtbij. Toen hij vorig najaar in de commissie leefmilieu over de slechte cijfers van het MAP tussenkwam kon minister Schauvliege alleen maar bevestigen. Met andere woorden: we komen er niet, bijlange niet en er dreigen zelfs sancties vanuit Europa. Dat is de politiek, maar we horen hetzelfde van veel boeren: het mestbeleid is veel te complex en er zijn veel te weinig resultaten. Er zijn de bijna oncontroleerbare afstandsregels, verwerkingsregels, percentages en noem maar op, waar bij mijn weten het ABS en zelfs de Boerenbond over klaagt. Is het niet stilaan tijd om te erkennen dat al de complexiteit van de wereld ons niet gaat helpen omdat er gewoon veel te veel intensieve veehouderij op veel te weinig grond wordt gevoerd?

 

Is het niet stilaan tijd om te erkennen
dat al de complexiteit van de wereld ons niet gaat helpen
omdat er gewoon veel te veel intensieve veehouderij
op veel te weinig grond wordt gevoerd?

 

Van crisis naar crisis en geen loon naar werken voor de boer

 

We zwalpen van voedselcrisis naar voedselcrisis. Pakken Vlaamse land- en tuinbouwers worden kapot geknepen door de wurgende prijzenoorlog. We voeren appels in uit Nieuw-Zeeland, Chili of de VSA  terwijl ze er in Sint-Truiden veel lekkerder kweken en de ecologische voetafdruk van deze laatste pakken kleiner is.  De jongste jaren voerden we 150.000 ton appels in terwijl de inlandse fruitteelt kreunt onder de zeer lage prijzen en grote delen van de oogst niet meer verkocht geraken. Er worden bijna evenveel “Pink Lady’s” uit Nieuw-Zeeland verkocht dan bijvoorbeeld de eigen Jonagold.  Straks liggen de asperges opnieuw in de winkelrekken en zien we dat die uit Peru 5 euro goedkoper zijn dan die uit Vlaanderen.

Daar tegenover blijft het beleid én de banken het dogma van altijd groter en groter, alles grootschaliger maar behouden en zelfs versterken. Op 30 april 2018 gaf minister van landbouw en leefmilieu Joke Schauvliege aan een bedrijf van de Vande Avenne groep nog een vergunning voor 160.000 kippen. Zoiets heeft niks meer met landbouw te maken, maar alles met een systeem om voeder te verkopen. De boer die een kleinschalig kippenbedrijf wil uitbouwen voor de korte keten, maar geen lening krijgt van de bank omdat ze vinden dat het veel groter moet en geen vergunning van de overheid, kijkt ernaar en vloekt.

 

 

Volgens de Boerenbond gaan de prijzen van de varkens binnenkort wel weer veel beter en vooral constanter zijn omdat onder meer de Russische (na de boycot?) en Chinese markten steeds meer vraag naar import zullen hebben. Kan, maar men ziet dan wel niet hoe de megastallen daar uit de grond schieten en men daar niet de beperkingen van produceren op een zeer beperkte oppervlakte als in Vlaanderen heeft. Als we uit gaan van een globale markt, houden we dan niet beter rekening met de ontwikkelingen van die globale markt en wat er in die markt beweegt? Daarnaast: hoe groot het aanbod en hoe laag de prijs ook, een gezin zal geen 2 broden eten in plaats van 1 per dag, niet iedere dag 12 koteletten in plaats 6 omdat het aanbod groter, de prijs lager is.

 

Wat is dan wel de oplossing?

Er is maar één oplossing en uit onderzoek blijkt trouwens dat de landbouwers daar zelf ook om vragen en dat is een begeleide afbouw van de industriële veestapel en een ommezwaai met volle steun voor duurzame, familiale landbouw en dat met voldoende aandacht en opwaardering van de korte keten.

Uit een enquête die vorig jaar werd afgenomen bleek dat ongeveer één derde van de veehouders, als ze zonder schulden konden stoppen, dat vandaag zouden doen, of liever nog gisteren. Waarom speelt het beleid daar niet op in? Dat gaat geld kosten, maar wat we nu doen, kost ook al jaren geld, en levert inzake grondwater- en oppervlaktewaterkwaliteit niets op. Wat we nu doen, is geld weggooien.

Om een paar cijfers te geven:
De kosten voor de uitvoering van MAP 5 worden als volgt geraamd:

  • bedrag per jaar voor het werkingsbudget van Vlaams Landmaatschappij (VLM)/Mestbank 19,2 miljoen euro;
  • voor het werkingsbudget van het Coördinatiecentrum Voorlichting en Begeleiding duurzame Bemesting (CVBB) 2,2 miljoen euro;
  • voor eigen kosten landbouwers 109 miljoen euro,
    • waarvan mestverwerking 87 miljoen euro,
    • aangepaste voedertechnieken 16 miljoen euro,
    • monsternemingen 5,4 miljoen euro en
    • aangepaste bemesting 0,6 miljoen euro.

Dat is in totaal 130,4 miljoen euro. Als we 130 miljoen euro per jaar besteden aan het boeken van nul vooruitgang, dan gooien we 130 miljoen euro per jaar weg. Of dat geld is van de landbouw of van de overheid – en dus van de belastingbetaler –, het blijft weggegooid geld. Het eindresultaat zal zijn dat, als we de Europese doelstellingen niet halen, we nog meer geld gaan moeten weggooien, waarschijnlijk opnieuw van de belastingbetaler, want dat gaat dan in boetes. Om dan nog maar te zwijgen over de milieukost en het effect op de volksgezondheid van de industriële veeteelt. De West-Vlaamse Milieufederatie schreef over dat laatste een sterk en alarmerend rapport en de regering reageerde niet of lachwekkend. Toen Federaal parlementslid Annick Lambrecht (sp.a) in de onderzoekscommissie rond de Fipronilcrisis het aanhaalde werd er kwaad gereageerd vanop sommige meerderheidsbanken in De Kamer.

 

De oplossing:
een begeleide afbouw van de industriële veestapel en
een ommezwaai met volle steun voor duurzame, familiale landbouw en
dat met voldoende aandacht en opwaardering van de korte keten.

 

Men moet blijkbaar zwijgen over de echte problemen. Problemen verdwijnen niet door ze te verzwijgen of te minimaliseren, behalve blijkbaar voor de regering en anderen die enkel heil zien in de toekomst van de landbouw door groter en groter, meer en meer investeren.

sp.a vindt het beter om te zeggen waar het op staat, hoe ongemakkelijk dat voor sommigen duidelijk ook is.  Het huidig mestbeleid gaat ons nooit brengen waar we moeten zijn, kost te veel met te weinig resultaten. Het moet dus opnieuw zeer grondig worden bestudeerd. Er zijn andere maatregelen nodig. Structureel en keuzes die de weg durven volgen van een landbouw die kiest voor een degelijk inkomen voor de boer, leefbaarheid voor natuur en landschap en kwaliteitsvolle, gezonde producten.

We moeten weg van de waan dat landbouw alleen maar toekomst geeft als alles maar groeit, groter wordt en dus verzuipt in een globaliteit die de boer nekt en de consument bedriegt. De landbouw moet terug in handen komen van de boeren en weg van de banken en de grote concerns. Tijdens de werkbezoeken met John Crombez zagen we veel “ kleinschalige” land- en tuinbouw die creatief en innovatief is, maar weggeduwd wordt. Zij verdienen veel meer steun omdat ze een grote schakel zijn in natuur, kwaliteit van voeding en gezondheid. Die mensen verdienen sowieso meer zorg en meer zekerheid vanuit de overheid.

Meer overheid in plaats van minder

De overheid moet terug de dirigent voor eerlijk prijzen en voedselveiligheid worden. Overheid, durf structureel ingrijpen, pas de subsidies aan en geef meer ruimte aan kleinschaliger landbouw, aan de korte keten. Durf ook echt overheid te zijn en grijp in op de prijsvorming. Het is niet normaal dat boeren voor hun producten op de vrije markt vaak minder krijgen dan de productiekosten en warenhuizen de boeren drijven naar echte dumping prijzen. Iedereen geeft recht op een loon naar werken, ook onze boeren. Enkel een eerlijke vergoeding, een stop op de moordende prijzenslag voor voedsel zal de voedselschandalen kunnen stoppen. Willen we die Far West toestanden stoppen dan hebben we hier nood aan meer overheid in plaats van minder.

De oplossing voor de problemen in de Vlaamse landbouw zit dus niet in steeds groter en groter, want dan blijven uiteindelijk maar een paar industriële landbouwconcerns over. Dat de milieudruk hierdoor zal verminderen en dit goed is voor natuur en landschap is een fabel. Dat dit een ramp wordt voor de tewerkstelling in de landbouwsector en de zelfstandigheid van de landbouwer zal wegvegen, een feit.
De keuzes zullen vooral vanuit de sector zelf gemaakt moeten worden. Durven ze niet kiezen of gaan ze mee in het dogma van steeds groter, dan kruipen ze in de muil van de mondialisering.

 

Willen we die Far West toestanden stoppen
dan hebben we hier nood aan meer overheid
in plaats van minder.

Samen voor West – Vlaanderen: een voorstelling van onze verkozenen.

Samen voor West – Vlaanderen: een voorstelling van onze verkozenen.

Met trots stellen we graag onze 5 verkozenen voor.
Vanaf maandag 3 december zullen zij sp.a vertegenwoordigen in de provincieraad.

Jurgen Vanlerberghe

Jurgen is 49 jaar en woont in Poperinge. Sinds 2000 is hij gebeten door politiek en vanuit die ervaring wil hij nu het beste van zichzelf geven als gedeputeerde. Jurgen neemt de volgende bevoegdheden voor zich: provinciale domeinen, milieu, natuur, landschappen, klimaat en Smart Region.

 

Bieke Moerman

Bieke is 28 jaar en afkomstig van Diksmuide. Haar liefde voor de natuur zorgt ervoor dat ook haar politieke blik gericht is op thema’s als duurzaamheid, kleinschalige landbouw, korte keten, speelnatuur …

 

 

Simon Bekaert

Simon (41) woont in Tielt en is reeds provincieraadslid. Dit engagement zet hij trots verder. In het bijzonder wil hij zich verder inzetten om werk te maken van een verkeersveilige provincie, waar we betaalbaar kunnen wonen en ons blijvend inzetten voor ons leefmilieu.

 

Tom Willems

Tom is onze jongste verkozene (27) afkomstig van onze provinciehoofdstad Brugge. Met zijn creatieve geest wil hij zich inzetten voor vernieuwende economie en duurzaamheid. Ook de MUG – heli ligt Tom nauw aan het hart.

 

 

 

Justine Hollevoet

Tot slot hebben we Justine uit Izegem. Zij is 31 jaar en haar hart ligt bij kinderen en hun ouders. In het bijzonder wil ze zich inzetten voor de provinciedomeinen en hoe deze voor elke West – Vlaming, natuur en dier een meerwaarde kunnen zijn

Dringend tijd voor een lokaal biodiversiteitsbeleid

Dringend tijd voor een lokaal biodiversiteitsbeleid

Nieuw natuurrapport moet ook de gemeenten alarmeren

Uit het tweejaarlijkse Living Planet Report van het Wereldnatuurfonds (WWF), dat vandaag uitkomt blijkt dat wereldwijd tussen 1970 en 2014 de populaties van gewervelde dieren met zestig procent in grootte afgenomen zijn. Enorme ontbossingen in onder meer Brazilië, het Congobekken, Indonesië en Oost-Australië zijn de belangrijkste oorzaken van deze dramatische achteruitgang. Ja, en wat hebben we daar in Vlaanderen mee te maken, hoor ik sommigen al denken. Wel, heel veel. Tienduizenden hectare Amazonewoud worden gekapt en omgezet in sojavelden om hier onze industriële veehouderij te voeden. Daarnaast is er een principekwestie: wie zijn wij om de woudkappers in de Amazone met de vinger te wijzen terwijl we in Vlaanderen zelf nog geen deftig bosbeleid op poten kunnen zetten en veel steden en gemeenten nauwelijks de moed hebben om echte keuzes te maken rond natuur?

 

Onze varkens vreten de tropen op.

Het staat in het zeer recente rapport van het WWF en stond al in tientallen andere wetenschappelijke rapporten: op wereldvlak zijn de tropen en meer bepaald die van Midden- en Zuid-Amerika het grootste ­zorgenkind. In dat deel van de ­wereld gaan de gewervelde ­dierenpopulaties met maar liefst 89 procent achteruit. 89% procent in 40 jaar. Laat die achteruitgang de komende 20 jaar met hetzelfde tempo doorgaan en pakken diersoorten gaan uitgestorven zijn.

Deze enorme achteruitgang heeft twee oorzaken: massale ontbossing en overexploitatie van landbouwgronden. In veel gevallen moet het woud wijken voor een monocultuur van soja. Die soja wordt niet gekweekt om te verwerken in sojamelk of –pudding, maar in Europa massaal ingevoerd als veevoeder. De miljoenen varkens die per jaar in Vlaanderen gekweekt worden hebben nu eenmaal miljoenen tonnen voer nodig. In eigen land wordt al circa 56 procent van de landbouwgrond gebruikt om er veevoer op te telen. Rij door West-Vlaamse wuivende graanvelden en besef vanaf nu dat daar niet je dagelijks broodje groeit, maar wel alles bestemd is voor veevoer.

Die eigen productie is ruim onvoldoende en daarom voeren we die grote hoeveelheden soja in. Wat we hier kweken en verbruiken heeft ergens in de wereld oppervlakte nodig. Onze varkens vreten dus niet meer of niet minder mee het Amazonewoud op. Het zit velen wellicht niet lekker om dat te lezen, maar het is een vaststaand gegeven.

 


Eigen verantwoordelijkheid

Ook hier zorgt de industriële veehouderij voor een grote milieudruk en een enorme maatschappelijke kost. Alleen al de uitvoering van het Mestactieplan (MAP) kost de gemeenschap jaarlijks al 130 miljoen euro en noch halen we de Europese normen op het vlak van grond- en oppervlaktewaterkwaliteit niet.

Voor het WWF is het verlies van de biodiversiteit meer dan een bekommernis van natuur­liefhebbers. ‘Ze gaat alle mensen aan’, zegt Luyten. ‘Onze lucht, ons water, ons brood. Nagenoeg alles wat we produceren en consumeren, komt uit de natuur. Ons voortbestaan is in het gedrang.’ Het natuurfonds vindt dat de strijd tegen de klimaatverandering en die voor de redding van de biodiversiteit hand in hand gaan. Wat goed is voor het ene, is vaak goed voor het andere. Zo zijn ­bossen grote opslagplaatsen van CO2. Vandaar dat het WWF ervoor pleit om biodiversiteit even dwingend in het beleid op te nemen als klimaat. Volgend jaar kiezen we nieuwe regeringen.

Laat dit nieuwe WWF-rapport bij alle partijen eindelijk eens de alarmbel laten afgaan en biodiversiteit en klimaatbeleid als topprioriteit op de politieke agenda zetten. De tijd is bijna op om het altijd maar door te schuiven naar later en geen echte keuzes te durven maken. Het is gemakkelijk om met de vinger te wijzen naar pakweg Brazilië en zelf geen duurzaam en offensief beleid rond deze uitdagingen voor de nabije toekomst op poten te zetten. Het is simpel: een volgende regering die hier geen volledige verantwoordelijk opneemt brengt het welzijn van de volgende generatie in gevaar. Niks meer, niks minder.

Het is simpel: een volgende regering
die hier geen volledige verantwoordelijk opneemt
brengt het welzijn van de volgende generatie in gevaar.

 

Lokale besturen hebben ook hun verantwoordelijkheid

Gemeentebesturen kunnen op het vlak van milieu- en klimaatbeleid ook een pak belangrijke zaken realiseren. Ook hier is het de verdomde plicht van alle, al dan niet nieuwe besturen, om vanaf 1 januari a.s. hier rond duidelijke projecten op te zetten en standpunten in te nemen. Nestkastjes en bijenhotels zijn mooi en lief, maar gaan de zaak niet keren. Steden en gemeenten moeten groene grenzen durven trekken, gaan voor meer bos, bouwen in waterrijke zones stoppen en het ophogen en bebouwen van beekvalleien. Duurzaam waterbeleid moet hierbij in alles de rode draad zijn. Water snel afvoeren, geeft een verlies aan zoet en dus potentieel drinkbaar water en het verkleint de buffer tegen wateroverlast en overstromingen. Dat watertekorten in de zomerperiode ook de komende jaren een feit gaan zijn staat vast en is nog een argument om ook lokaal grote zorg te dragen voor de bufferende natuurgebieden en die zo veel mogelijk te herstellen en uit te breiden.

Het WWF-rapport is een oproep aan alle politici om in actie te komen. Er moeten duidelijke engagementen aangegaan worden en die moeten ook uitgevoerd worden. In een stad in de Westhoek zit een nieuwe partij in de meerderheid die als beleidsprioriteit “geen nieuwe natuur” in haar programma zette. Laten we hopen dat de meeste andere politici bewuster zijn van de uitdagingen voor de toekomst en wel bekommerd om het welzijn van de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen. We zijn 2018 en de realiteit in de wereld valt niet te ontkennen, tenzij je naam Trump is of je hem wil imiteren.

 

Peter Bossu

 

Waarom appels uit Chili? sp.a wil lokale voeding als norm  

Waarom appels uit Chili? sp.a wil lokale voeding als norm  

“Koop ik biogroenten of de goedkopere alternatieven?” Je kent vast de patstelling: in de supermarkt twijfelen we allemaal tussen duurzame voeding en onze portemonnee. Zonde, want iedereen vaart wel bij bio- en lokale producten: het is beter voor onze gezondheid, voor de boer, voor het milieu en voor de dieren. sp.a wil dat de overheid maatregelen neemt zodat duurzame, lokale voeding een evidentie wordt voor iedereen.

 

Enkele duizenden gezinnen in Vlaanderen kiezen resoluut voor korteketenlandbouw: ze kopen groenten en vlees van boeren uit hun buurt. Dat verdient respect en aanmoediging. Dankzij hun inspanningen krijgen boeren een eerlijke prijs voor hun groenten, fruit, zuivel en vlees en kunnen ze investeren in landbouw met minder chemische bestrijdingsmiddelen, minder kunstmest, en meer ruimte en betere voeding voor hun dieren. Bekijk hier de reportage van focus – WTV

 

Steun voor duurzame landbouw

Lokale en biovoeding is echter vaak duurder dan het industriële alternatief. Hoe zorg je ervoor dat het toch voor iedereen bereikbaar is? sp.a wil een radicale ommezwaai in het landbouwbeleid. Weg van de moordende druk die op schouders van boeren ligt, weg van de dierenmishandeling in naam van winstmarges en weg van mestoverschotten die ons milieu belasten.

Dat zal uiteraard geld kosten. Maar er is budget. De huidige overheidssteun voor de landbouw (130 miljoen euro per jaar, zie ook het interview rond de voedselschandalen) kan meteen vervangen worden door steun voor duurzame, familiale landbouw.

 

sp.a wil een radicale ommezwaai in het landbouwbeleid.
Dat zal uiteraard geld kosten.
Maar er is budget: minstens 130 miljoen

 

Overheidsorganisaties gaan voor lokale voeding

Om de afname van lokale voedingsproducten massaal de hoogte in te jagen – en tegelijk het goede voorbeeld te geven – kan de overheid lokale producenten tot hofleverancier maken van grootkeukens in alle scholen, rust- en ziekenhuizen die verbonden zijn aan de overheid.

“Iedereen heeft de voorbije maanden kunnen zien wat industriële vleesproductie betekent voor het dierenwelzijn”, zegt Bieke Moerman. Ze wijst ook op de verspilling van voedsel. “Heeft het zin dat de Limburgse fruittelers een deel van hun oogst exporteren naar India en de rest vernietigen terwijl we Pink Lady’s uit Chile in ons winkelmandje leggen?”

 

Als alle scholen, rust- en ziekenhuizen die verbonden zijn aan de overheid
overschakelen op lokale voeding, geven we het goede voorbeeld
en schiet de vraag de hoogte in.

 

Overheid als trekker

Langzaam maar zeker groeit het bewustzijn dat de industriële voedselketen doorbroken moet worden. Mensen willen hun voedselvoorziening in handen nemen om gezonder te eten, het milieu te sparen en de boer een eerlijkere prijs te geven. “De korte keten is aan een opmars bezig. We kweken weer eigen groenten en fruit, bezoeken zelfoogstboerderijen en kopen op boerenmarkten of bij de Buurderij”, aldus Bieke. “Maar we doen het niet massaal. Daar wil sp.a verandering in brengen. Niet door de verantwoordelijkheid bij het individu te leggen maar door een collectief bewustzijn te creëren. En dat kan enkel als de overheid aan de kar trekt.”

 

“De korte keten is aan een opmars bezig.
Maar we doen het niet massaal.
Daarom wil sp.a dat de overheid aan de kar trekt.”
(Bieke Moerman)

 

 

 

 

Meer weten? Ontdek onze visie op duurzame landbouw, lees waarom en hoe we de veestapel  willen afbouwen en mis het interview met Annick Lambrecht niet. Zij deelt haar visie op de recente voedingsschandalen.

sp.a kiest voor de landbouwer, voor de natuur en voor jou

sp.a kiest voor de landbouwer, voor de natuur en voor jou

De recente vleesschandalen legden nog maar eens de vinger op de wonde: de industriële vleesproductie moet afgebouwd worden. Industriële landbouw is immers nefast voor het dierenwelzijn, het tast de biodiversiteit – en zelfs onze gezondheid – aan. Bovendien moet de boer zijn producten verkopen aan dumpingprijzen. Een alternatief? De korte keten!

sp.a wil de landbouwsector actief ondersteunen en pleit voor dier- en milieuvriendelijke kwekerijen, voedsel dat aan de strengste gezondheidsnormen beantwoordt en een beperking van onnodig voedseltransport. De korte keten is een uitstekend alternatief voor de industriële voedselproductie. Van hoevewinkel tot de Buurderij en de zelfplukboerderij: de voorbeelden die we in West-Vlaanderen vonden, zijn alvast inspirerend.


De hoevewinkel
Je ziet ze weleens tijdens een fietstocht op het platteland: wegwijzers die je naar een hoevewinkel loodsen. Dichter bij de boer kan je niet komen: in een winkel op de boerderij koop je de producten die er geproduceerd worden. Terwijl de koeien aan het grazen zijn, kan jij hun melk – of afgeleiden zoals heerlijk hoeve-ijs – proeven.

Online bestellen bij de Buurderij
De Buurderij is een netwerk van lokale producenten die hun producten via één centraal punt verkopen. Het concept is eenvoudig: je bestelt je producten – van zuivel tot bieren, vlees, fruit en groenten – online en gaat alles op een vastgesteld moment oppikken. West-Vlaanderen telt op dit moment 13 Buurderijen. Bekijk het overzicht en registreer je vandaag nog!


“West-Vlaanderen telt op dit moment 13 Buurderijen.
Bekijk het overzicht en registreer je vandaag nog!”

 

Zelf plukken
De zelfplukboerderij is ook een mooi voorbeeld van de korte keten. Het is niet enkel leuk om zelf je fruit te plukken als dat rijp is, maar het is ook een prima manier om kennis te maken met de boerderij en de landbouwer. En vooral de boer vaart er wel bij: hij krijgt een eerlijke prijs voor zijn groenten en fruit. Zin om het uit te proberen? Bekijk het overzicht van de zelfplukboerderijen en nog veel meer korte keten producenten op de website recht van bij de boer.

 

Landbouwbeleid klaarstomen voor ommezwaai
Past de korte keten landbouw in het huidige provinciale landbouwbeleid? Traditioneel ligt de focus van het landbouwbeleid in West-Vlaanderen sterk op praktijkgericht onderzoek, op multifunctionele landbouw met aandacht voor biodiversiteit, de omgevingskwaliteit en klimaat en hoeve- en streekproducten en op ondersteuning van actoren zoals gemeenten en verenigingen. We zijn dus op de goede weg maar willen in de nieuwe legislatuur een stap verder gaan, zodat de noodzakelijke ommezwaai naar onder andere korte keten landbouw mogelijk maken.


Van massaproductie naar kleinschalig
Kortom, we moeten weg van de waan dat alleen grootschalige landbouw toekomst heeft. De landbouw moet weer in handen komen van de boeren, met respect voor de natuur en de consument. De korte keten landbouw is een uitstekend alternatief. sp.a ondersteunt resoluut het alternatief: door onderzoek en samenwerking moet korte keten landbouw een volwaardige toekomst krijgen.

 

“We moeten weg van de waan dat enkel grootschalige landbouw toekomst heeft.”

Meer weten?
Lees
het interview met Annick Lambrecht rond de voedselschandalen.

 

Waarom – en hoe – we de veestapel moeten afbouwen

Waarom – en hoe – we de veestapel moeten afbouwen

Vlaanderen telde in 2017 6,1 miljoen varkens (bijna evenveel als het aantal Vlamingen). Het grootste deel daarvan is bestemd voor export: we produceren ruim 2,5 keer meer varkensvlees dan we consumeren in België. Maar de varkenshouderij is niet rendabel. Bovendien is de milieulast van onze intensieve vee- en pluimveeteelt groot. sp.a pleit voor een afbouw van de veeteelt, ondersteund door de wetgeving.


De druk op de prijzen van varkensvlees is groot. In een poging om de productiekosten per dier te doen dalen, blijven landbouwers omgevingsvergunningen voor schaalvergroting aanvragen. De negatieve gevolgen van die intensieve veeteelt zijn groot, voor dieren, ons milieu en zelfs de mens. De massaproductie leidt immers tot dierenleed. Mest vervuilt onze waterlopen (stikstof, fosfaat en nitraat) en de uitstoot die de veeteelt veroorzaakt, is schadelijk voor het milieu en onze volksgezondheid.


Drastisch verminderen

Technische oplossingen zoals de luchtwassers die massaal worden geïnstalleerd voor de reductie van ammoniak volstaan niet. We kunnen de uitstoot enkel afbouwen als we de veestapel drastisch verminderen. Dat betekent dat de regelgeving en het vergunningenbeleid worden aangepast. Door de omvang van de veestapel te koppelen aan de afbouw van de uitstoot wordt de afbouw van de industriële vleesproductie concreet en meetbaar.


Duurzame landbouw

Ons standpunt rond de veeteelt sluit perfect aan bij ons pleidooi voor duurzame landbouw, waar we dieper op ingingen uitlegden in een eerdere blog. In een interview rond de voedselschandalen legde Annick Lambrecht ook al uit dat industriële landbouw – niet enkel veeteelt maar ook groenten- en tuinbouw – nefast is voor het milieu en zelfs voor onze gezondheid. Duurzame landbouw, met een veestapel die niet groter is dan de consumptie, moet onze norm worden.  


Meer weten? Lees onze
visie op de landbouw van de toekomst … en de toekomst van onze landbouw.

Duurzame landbouw wordt onze norm

Duurzame landbouw wordt onze norm

Van een kaasmakerij en bio-melkveebedrijf in Diksmuide tot groentetelers in Langemark en het atelier van Dierendonck in Veurne: Bieke Moerman en John Crombez gingen de voorbije maanden – letterlijk – de boer op en verzamelde boeiende getuigenissen. Hun conclusie: we moeten werken aan gezonde en betaalbare voeding voor iedereen, met respect voor het milieu, dier en boer. Lees hoe sp.a de problemen waar de Vlaamse landbouw mee kampt vertaalt naar concrete oplossingen.

 

Annick Lambrecht raakte het al even aan in het interview rond de voedselschandalen: industriële landbouw is nefast voor dierenwelzijn, tast de biodiversiteit – en zelfs onze gezondheid – aan en doet lokale boeren naar adem happen in een moordende ratrace.


Respect voor de boer

De voedselmarkt is grotendeels in handen van de industrie. De grootindustrie en de banken bepalen de spelregels, wat voor een enorme prijsdruk zorgt. De boer is het slachtoffer: hij moet verkopen aan dumpingprijzen. Uit een recente enquête blijkt dat ongeveer één derde van de veehouders vandaag zou stoppen, als ze dat zonder schulden konden doen. Een hallucinant cijfer.


Respect voor dier en milieu

De industriële landbouw is, zoals recente beelden uit slachthuizen aantoonden, al even nefast voor het welzijn van de dieren. En ook het milieu lijdt. De milieukost van de industriële veeteelt is catastrofaal. De industriële voedselconcerns overspoelen ons bovendien met fruit en groenten uit verafgelegen landen, met een grote ecologische voetafdruk. Zo eten we appels uit Nieuw-Zeeland, Chili of de VS terwijl de fruittelers in Sint-Truiden kreunen onder de lage prijzen. Niet zelden leidt dat tot lokale voedseloverschotten – en dus voedselverspilling. Met voedsel gooien we niet alleen geld weg, maar ook de energie die in de teelt, verpakking, transport, koeling en eventueel de bereiding ervan is gestoken.


Overheidssteun ombuigen

Kortom: de intensieve, industriële landbouw loopt tegen zijn grenzen aan. Het alternatief? Duurzame landbouw met focus op de korte keten. “Veel kleinschalige land- en tuinbouwers zijn erg creatief en innovatief, maar worden weggeduwd”, aldus Bieke Moerman na haar toer langs Vlaamse boeren en tuinders. “Zij verdienen veel meer steun.” sp.a wil dat landbouwers daarom minimum de kostprijs van hun producten en van hun werk betaald krijgen. Bovendien moet de huidige overheidssteun voor de landbouw (130 miljoen euro per jaar, zie ook het interview rond de voedselschandalen) vervangen worden door steun voor duurzame, familiale landbouw.


Overheid aan het stuur

Dagen zonder vlees of de week van de bio zijn fijne initiatieven om het gedrag van de consument te veranderen. Maar de uitdagingen zijn vandaag te groot om die op de schouders van de consumenten te leggen. Zij willen immers vaak wel duurzame, ecologische en diervriendelijke keuzes maken, maar botsen vaak op de limieten van wat haalbaar en betaalbaar is. Daarom Sp.a wil het perspectief omdraaien. De overheid moet zorgen dat consumenten met gemak duurzame keuzes kunnen maken.

Om de resultaten van de korte keten te promoten, stelt sp.a voor om onder meer op scholen, rusthuizen en overheidsdiensten alleen nog maaltijden op basis van duurzaam geteelde, lokale producten aan te bieden. En de invoer van producten die we niet zelf telen, moet bemoeilijkt worden.

Alle initiatieven samen – met de overheid aan het stuur – moeten helpen om de ommezwaai te maken naar een duurzame landbouw die toekomst heeft, met meer dierenwelzijn en betere prijzen voor boer en consument.

 

Ontdek de landbouwbedrijven die Bieke Moerman en John Crombez tijdens hun ‘de boer op-toer’ bezochten.